Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Over dit onderwerp, waaraan onze specialisten een overvloed van schunnige beschouwingen zouden vastknoopen, heeft Gorky een bittere, van allen hartstocht ontbloote studie geschreven, door haar koudheid herinnerend aan een politierapport. Bij een dergelijke stof verklaren de commentaren slechts onvoldoende het verschil van bedoelingen, dat een enkel uur van lezing en vergelijken iederen onbevooroordeelde zou doen kennen: hetzelfde vleesch, dat bij ons levend en verleidelijk ten toon gesteld wordt, met het eenige doel, om den lezer een oogenblik van zingenot te verschaffen, wordt hem daar levenloos en koud voorgehouden als in een ontleedkamer, opdat hij op deze zedelijke lijken kunne bestudeeren hoe de zielen lijden en sterven.

Zal ik nu gewagen van den indruk, welke het geheel der Récits wekt? Elk afzonderlijk genomen wekt belangstelling; men laat zich medeslepen door het relief der figuren, door de juistheid der waarnemingen, door de levendige gang der gedachte, waarin de lyrische ontroering afwisselt met spottenden scherts.

Maar naarmate men zijn tocht langs deze etsen voortzet, versmelt haar afwisseling — het zou onrechtvaardig zijn, het niet te erkennen — samen in een eentonige gewaarwording van drukkende neerslachtigheid; een beklemmende nachtmerrie benauwt den geest, en wordt op den duur ondragelijk. Te vergeefs heeft Gorky de beklagenswaardige kinderen zijner verbeelding opgesteld op den openbaren weg en verspreid in kaders van natuurschoon; het geheugen, waarin zij zich verdringen, verwart ze ten slotte alle, en verzamelt ze met hun aanvoerder bijeen in de kroeg, gehouden door den ex-kapitein Kouvalda, in het nachtverblijf waar iederen avond zij, «die weleer mensch waren», bijeen komen.

In deze maatschappelijke hel heeft de schrijver de meest typische van zijn gewone modellen bijeengebracht; zij komen zich daar verhitten door den drank en kletsen; als monomane verdoemden draaien zij daar steeds in hetzelfde kringetje rond: redeneeren en drinken, drinken en redeneeren. De heldere uiteenzetting

Sluiten