Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

grondleggers van hunnen stam, « originem gentis conditoresque » (cap. 2).

De gedaante waaronder de Germanen zich hunne goden voorstellen is een ideale menschenvorm. Daar het ideaal vaneen krijgersvolk natuurlijk met lichaamsgrootte en kracht innig samenhangt, zullen de verhoudingen der godenlichamen en hunne lichamelijke handelingen die der menschen ver overtreffen. Zij nutten spijs en drank meestal in ongelooflijke hoeveelheid. In de Thrymskvida, 14, leest men dat Thor alleen een os verslindt en acht zalmen, dat zijne vrouw 3 tonnen mede drinkt, zoodanig dat de ebbe het spoor is van haar drinklust (Snorra Edda II 286). In de Lokascnna geeft ^Egir (of Gijmir) een gastmaal voor de goden, Odin en zijne vrouw Frigg, Sif, de vrouw van Thor, Bragi en zijne gemalin Idunn. Hij had bier gebrouwd in een overgrooten ketel. — Zij gaan en rijden te paard. In de Vegtamskvida of Baldersdroom (2 stroof), staat Odin recht, legt den zadel op zijn ros Sleipnir en rijdt naar Niflhel; Thor heeft eenen wagen niet twee bokken bespannen: zij voeren oorlog,houden feesten, dragen en hanteeren wapens, zetelen ten gericht, nemen verdriet of vermaak, voelen haat en liefde (in Skirnismal zat Freyr aan het hemelvenster van Odin, alle werelden overschouwende, en zag eene schoone jonkvrouw, waarvan hij krank te moede werd), oefenen wraak uit gelijk de menschen. Gemeenlijk zijn zij den aardlingen gunstig, tenzij wanneer zij een gepleegd onrecht of eene heiligschennis te kastijden hebben. Een voorrecht hebben de goden, dat zij naar willekeur van gedaante kunnen veranderen. De metamorphosen van OviDlUS hebben ook in Germanië hunne tegenhangers. Zoo verschijnt Odin in het Harbardslied (Edda) onder de gedaante van van eenen stuurman met een schip. Een eigenaardig

Sluiten