Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hier is natuurlijk geen sprake van den christen god, maar van Odin, die de dooden in eenen heuvel bevolen had te begraven. In den Indiculus Superstitionum, aanhangsel van het capitularium van Karei den Groote, gegeven te Leptines bij Binche in 743, maar waarvan, eilaas, enkel de titels of rubrieken bewaard zijn, komen twee titels voor die handelen over Mercurius (Woden) en Jupiter (Donar) de sacris Mercurii vel Jovis; de feriis quae faciunt Jovi vel Mcrcurio, waaruit volgt dat er bij de bekeerde Franken in de achtste eeuw soms nog godsdienstige plechtigheden en feestdagen ter eero van Woden gevierd werden. Woden was dus reeds bij de Duitschers als hoogste hemelgod vereerd. Koningen en helden droegen er roem op hunne geslachtstafel tot hem te doen opklimmen. Hij beschikt over de zegepraal in den oorlog en beschermt de strijdende helden. De Germanen roepen zijnen bijstand in, trachten dezen door offers te winnen. Degenen die in den strijd bezwijken, vallen als hem gewijde offers en worden door hem in het Walhalla ontvangen Niet alleen de palmen van de krijgszege reikt hij uit, maar ook die van kunst en vernuft. Wij hebben gezien dat hij als grootste tooverkunstenaar, als sterkste belezer doorging. Hetzelfde blijkt uit het feit dat de Romeinen hem verwisselen met Mercurius, die ook de god was van kunst en geleerdheid: hij was de gemaal van Freya, die vroeger aan Dys behoord had. Als winden stormgod brak hij uit de bergen, reed, te midden van het orkaan, als een heldhaftig ruiter op een reusachtig paard, met mantel en breeden hoed, en geleidde het leger der geesten, het woedende heir, door de lucht. Hij schenkt ook zegen aan velden en weiden, maar zijn hoofdwerk is het leiden en beschermen der strijdende legers. Zoowel als de

Sluiten