Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verhaalt hoe hij door sluwheid den dichterdrank op Suttung en Gunnlod veroverde; hij deelt nog raadgevingen mede van levenswijsheid en ondervinding getuigend, geeft dan het eigenlijke runenlied of den oorsprong zijner runenkennis na het hangen aan de galg, en eindelijk noemt hij de bijzonderste gevallen waarin hij door runen of tooverwoorden hulp kan verleenen.

Nochtans kan ook de wetenschap van Odin te kort schieten. De Germaansche goden zijn als bovenmenschelijke wezens opgevat, die ondanks hunne kracht en kennis toch met de zwakheden der menschelijke natuur behept zijn. Eens dat zijne wetenschap hem in de steek laat, gaat Odin bij den alwetenden Mimir, en vraagt eenen teug van zijnen wijsheidsdrank. Hij moet hem echter duur betalen : zijn eigen oog moet hij verpanden; doch Odin staat het toe. Mimir legt Odin's oog in de bron en gebruikt het iederen morgen als drinkvat. Het raadplegen der waterbronnen is een oud Germaansch gebruik.

De mythus van Odin, die zijn oog verpandt, wordt verklaard door de zon, het oog der wereld, dat 's avonds aan den gezichteinder in de zee verzinkt : Mimir, uit zijn oog drinkend, is de zeegod, die vóór het opstaan der zon uit de zonneschaal schijnt wijsheid te drinken.

Op het einde der tijden spreekt Odin met Mimirs hoofd om het raadselkluwen der toekomende dingen te ontwarren. Dit wordt wel logisch verklaard, doordien Odin het hoofd van Mimir (dat door de goden in den strijd tusschen Asen en Wanen afgeslagen was) gebalsemd had en met runen tot wijsheidsbron herschapen; maar de natuurlijke mythuskern zal geweest zijn, dat Odin nogmaals bij Mimir's bron te rade gaat. Het hoofd van Mimir is de bron zelve; de bronnen worden aan hun hoofd, daar waar ze

Sluiten