Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Odin zelf had hem schepen bezorgd en hem geholpen een rijk te veroveren. Zóo had het geheele geslacht der Wolsungen onder de bijzondere bescherming van Odin gestaan. — Eens dat Sigurd, op weg om den dood zijns vaders te wreken, door eenen geweldigen st9rm op zee overvallen werd, zag zijne manschap op de kust eenen reiziger die hen wenkte, en vroeg om opgenomen te worden. Zij zeilden aan land: de man richtte zich op, en het onweder was gestild. De vreemdeling noemde zich Hnikar. Hij gaf Sigurd alle voordeelige teekens, als het zien van raven en wolven, en voorspelde hem zegepraal. Vooral gaf hij hem raad om zijn leger puntvormig te schikken, wat hij enkel voor bijzondere gunstelingen deed. Hnikar was immers Odin, die Sigurd in alles beschermde. Hij had hem vroeger ook zijn ros Grani aangewezen, een afstammeling van Sleipnir, het paard van Odin zeiven. In den strijd tegen den draak Fafnir, op de Gnitaheide, verscheen hij hem weder om hem het middel aan de hand te doen, waardoor hij het monster zou vellen. Toen was Sigurd in eenen put gedaald, en daar doorstak hij Fafnir, terwijl deze over den put henenvoer.

Odin had ook Starkad, eenen anderen Scandinaafschen held, onder zijne bijzondere bescherming genomen. Deze heros is de echte type van den ruwen Scandinaafschen kamper. Starkad was de zoon van eenen waterreus Alu. Men zegt van hem dat hij acht handen had, en met vier zwaarden te gelijk sloeg. Hij had eene elvinne tot vrouw, nl. Alphilde, dochter van den koning Alf uit het Alvenheim, die hij geschaakt had. Hierom sloeg hem Thor, dien de vader van Alphilde om hulp gesmeekt had, de zes overtollige handen af. Starkad had, in den ouderdom van drie jaren, zijnen vader verloren, en was pleeg-

Sluiten