Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geheel. Eindelijk brak hij hem op den nog harderen schedel van den reus. Nu moest de ketel meêgenomen worden naar Aegir. Tyr beproefde vruchteloos hem op te lichten, maar Thor hief hem op zijn hoofd en droeg hem gezwind, zoodat de hengsels op zijne hielen heen- en weersloegen. Hymir met zijne reuzen achtervolgde hem nog, maar Thor sloeg de gansche schaar, met zijnen hamer dood, en zij kwamen met den ketel bij Aegir en de goden.

Daar kwam een bouwmeester tot de Asen, die voorstelde binnen drie halve jaren eenen burcht te bouwen, die aan alle geweld der reuzen zou kunnen weerstaan. Hij vroeg tot loon de godin Freya, en, daarenboven, de zon en de maan. Op raad van Loki, sloegen de goden toe, mits niemand hem zou helpen, en hij op gestelden dag met den bouw zou klaar komen. Enkel zijn ros Swadilfari (dreigend heenvarend) mocht den reus behulpzaam zijn. Hiermede echter vervoerde hij zoo ontzaglijke steenhoopen en maakte zoo rassche vorderingen, dat de bouw bijna vaardig was, toen de goden bemerkten dat zij gingen verplicht zijn Freya en zon en maan uit te leveren. Zij bedreigden Loki met een wreeden dood, indien hij het onheil niet wist af te weren. Loki veranderde zich in een merriepaard en lokte, door luid gehennik, den hengst Swadilfari tot zich. Deze trok zijne zeelen in stukken en verliet zijn werk. Als de bouwmeester nu zag dat zijn burcht op bepaalden tijd niet kon voltrokken zijn, ontvlamde zijn reuzentoorn tegen de goden. Deze riepen op Thor die afwezig was geweest. Hij verscheen terstond, slingerde zijnen hamer, zoodat de reus dood neerzonk in het Nevelheim. Het merriepaard Loki bracht, kort nadien, een veulen ter wereld dat acht voeten had. Dit was Sleipnir, het ros van Odin, het beste dat ooit bestaan heeft.

Sluiten