Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van dewelke zij in de historische ontwikkeling-, eene verdere uitbreiding zijn.

Alf beteekent « grijpende geest », en de lucht is zijn gewoon levensmidden. Edoch, volgens de bepaalde plaats, welke de alven in de lucht schijnen te bezetten, heeft het volksgeloof ook aard- en bergalven, woud- en veldalven en zelfs wateralven uitgedacht De aard- en bergalven zijn de dwergen; de wateralven zijn de nikkers.

Oorspronkelijk zijn de alven lichtverschijnsels en hebben daarom het heerlijkste voorkomen : de lichtalven, van dewelke de Edda meest spreekt, zijn wezens van ideale schoonheid, als engelen in menschenvorm. In het Duitsch geldt elbenschön nog als de maat der hoogste schoonheid; van deze zegt Snorri dat zij witter zijn dan de zon, en dat zij een afzonderlijk deel des hemels bewonen, het Alvenheim, dicht bij de goden. Volgens het Grimnirlied is Freyr, de god der vruchtbaarheid, de opperbestuurder van Alvenheim. Ook verschijnen die alven dikwijls in gezelschap der goden. Wanneer Aegir zijn groot gastmaal bereid en in zijnen teruggevonden ketel bier gebrouwd had, waren daar vele asen en alven verzameld, zegt de prozainleiding van de Lokasenna. € Hoe staat het bij de Asen; hoe staat het bij de Alven? » roept de profetes uit de Voluspa, wanneer zij met haren zienersblik in de toekomst boort en het naderend wereldeinde voorop schouwt.

Die alven worden dikwijls voorgesteld met vleugels, vooral wanneer zij gezamenlijk verschijnen : zij zijn subtiel, iets wat aan hunnen zielenoorsprong herinnert, en dringen eensklaps binnen, dikwijls door het sleutelgat. Zij zijn gemeenlijk gunstig gesteld voor de menschen en hun behulpzaam in ziekten of andere noodwendigheden. Toch werken zij soms

Sluiten