Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan iemand, dien zij haten, de nachtmerrie bezorgen. Deze komt dan als een witte vlinder uit de wenkbrauwen en zet zich op de borst van den slapende » (i). Eene bijgeloovigheid, welke algemeen in Duitschland en Nederland verspreid was bestond hierin, dat iedere zevende dochter tot eene familie behoorende, eene nachtmerrie was en ieder zevende zoon een weerwolf (2) of dat de vrouw die tooverkruid gebruikte om smarteloos te baren eenen weerwolf of eene nachtmerrie ter wereld bracht, of althans een kind dat eenmaal die gedaante aannam. Dan worden natuurlijk familiën in de volksverhalen opgenoemd, in dewelke zulke feiten zouden voorgevallen zijn.

4. — Bovenmenschelijke en spookachtige wezens uit maren en zielen ontstaan.

a) Voorvaders.

Eens dat men aan een onafhankelijk zielenleven gelooft, komt men gemakkelijk tot het vereeren der zielen van geliefde wezens. Nu is het in patriarkale tijden een heilig gebruik de voorouders of de grondleggers van het geslacht in de grootste achting te houden. Vandaar de vereering der voorvaders die bij de Duitschers Ahnen heeten, bij de Romeinen dit manes. Zij worden als de beschermengelen of schutsgeesten der levende geslachten aanzien, somtijds ook vergoddelijkt gelijk te Rome. Zoo verhaalt JORDANES, (3) dat deze volksstam al zijne overwin-

ji) De Gids, 1881, 441.

(2) L. van den Bergh, Crit. Woordenboek der Nederlandsche Mythologie, bl. 273.

(3) Geschiedenis der Goten, c. 13.

Sluiten