Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verrassen, legde hij zich op den marktdag van Aarlen, in de gedaante van eenen boomtronk of van eenen steenblok, langs den weg. Dan kwamen de marktvrouwen zich daarop nederzetten. Plotseling was de boom of de steen verdwenen, de vrouwen rolden van den hoogen weg in het bosch, en een gruwelijke wolf stond voor hen, verslond hunne marktwaren en joeg hun schrik op het lijf. Wanneer niemand zich meer op boom of steen durfde nederzetten, hield de weerwolf zich schuil in het bosch en sprong onverwachts op de rampzalige voorbijgangers. De vrijheer van Girsch besloot het land van het monster te verlossen. Hij stelde een onderzoek in en bevond dat de weerwolf niemand anders was dan een houthakker uit het dorp, die in de bosschen van het kasteel arbeidde. Nu zocht hij een gewijden kogel te hebben. Hij legde in zijne huiskapel een zih'eren geldstuk onder den kelkdoek, vóór het begin der mis, op den gewijden altaarsteen, zonder dat de kapelaan het wist. Na de mis deed hij van het gewijde zilverstuk eenen kogel gieten, nam zijnen tweeloop, stak eenen gewonen kogel in eenen loop, den gewijden in den anderen en ging tot den houthakker. « Booswicht » sprak hij, de maat uwer zonden is vol, ik ga u doodschieten ». « Goed, heer Baron », antwoordde de weerwolf, « maar pas op, want ik zal u treffen als gij mij mist ». De Baron schoot eerst den gewonen kogel op den houtvester los, maar hij viel krachteloos aan dezes voeten neêr, waaruit bleek dat de man waarlijk een weerwolf was. Dan schoot de Baron den kogel af, die van gewijd zilver gemaakt was, en de houthakker viel dood ter aarde; sedertdien heeft men het ondier nooit meer gehoord of gezien.

Grimm verhaalt ook van eene vrouw die den weerwolf speelde, buiten weten van haren man. Eene

Sluiten