Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op de volgende wijze : men nam eenen tak van eenen vruchtdragenden boom; men sneed dien in kleine stukjes en men kerfde op de stukjes onderscheidene teekens (wellicht runenletters); dan wierp men ze blindelings op eenen witten doek. Daarna kwam de priester, indien er moest geraadpleegd worden in naam van gansch het volk, of de huisvader, indien enkel een privaat belang op het spel stond, en, de goden aangeroepen en de oogen ten hemel verheven hebbende, lichtte hij drie stukjes ineens van het doek op en legde ze uit volgens de teekens, die er ingeprent waren. Bleken deze ongunstig, dan werd er denzelfden dag geene raadpleging meer gedaan ; bleken zij integendeel gunstig, dan moesten nog de gewone voorteekens waargenomen worden.

De gewenschte klaarheid is hier niet gegeven. Volgens welke regels moesten de priesters de teekens uitleggen? Het schijnt wel dat de Grermaansche priesters zoowel als de Romeinsche volle vrijheid hadden om de verschijnsels naar willekeur te verklaren, en eene voorop verkozen begeerte der goden aan het volk op te dringen.

De voorteekenen, die waargenomen werden, waren meest de vlucht of ook de stem der vogelen en het gehennik der godgewijde paarden. De Germanen onderhielden immers in hunne heilige wouden witte, ongetemde paarden : deze werden aan den wagen eener godheid gespannen en de priester te zamen met den koning of den volksoverste moesten hun gehennik en gebriesch waarnemen. Het is wederom niet gezegd volgens welk bepaald beginsel dit henniken en brieschen moest verklaard worden. TACITUS voegt er enkel aan toe, dat aan geen enkel voorteeken meer geloof gehecht werd dan aan dit laatste, zelfs bij de hoofden van het volk : men beschouwde

Sluiten