Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door eene frontverandering de vijandelijke werken in den rug te nemen. Een aantal diepe vischvijvers beletteden echter deze beweging, zoodat slechts een frontaanval mogelijk bleek. Na eenige schoten uit de mortieren rukten de troepen tegen de werken van Mangara-Bombang ten aanval op. Enkele afdeelingen vonden hierbij toch gelegenheid in de flank van de vijandelijke werken te komen, zoodat de vijand, vreezende nu ook in den rug te zullen worden aangevallen, overhaast uit zijne versterkingen vluchtte, waarin hij 23 vuurmonden in onze handen achterliet.

De troepen vervolgden den terugtrekkenden vijand, die eerst voornemens scheen tot het offensief over te gaan, doch weldra dit plan liet varen en in Noordelijke richting over de Sindjai-rivier trok en den kampong BalangNipa bezette. Toen onze troepen echter eveneens de Sindjai-rivier overtrokken en zich gereed maakten om Balang-Nipa te bestormen, vei liet de vijand ook dezen kampong, trok de Tangka-rivier over en verdween, thans voor goed, in Noordelijke richting (omstreeks 10 uur voorm.).

De marine had tezelfdertijd de werken aan de Tangka-rivier van de zeezijde bedreigd, doch eene landing bleek door de drassigheid van het terrein vrijwel ondoenlijk, de vlucht van den vijand maakte deze handeling verder overbodig. Deze geheele actie had ons slechts een verlies \ an 1 doode en 1 gewonde bezorgd.

Nauwelijks waren onze troepen binnen Balang-Nipa of de colonne Staring kondigde haar aankomst aan. Deze colonne had gedurende 5 dagen door zeer zwaar bergterrein gemarcheerd, was enkele malen met den vijand slaags geweest, doch kreeg daarbij slechts één 1 doode. Doodelijk vermoeid kwam de colonne omstreeks 10 uur voorm. van den 24sten in het gezicht van Sindjai, doch vond toen tot hare groote teleurstelling het pleit reeds beslist (1). Het 4de bataljon met de mortieren bleef Balang-Nipa bezetten.

(1) Een gedetailleerde beschrijving van dezen belangwekkenden marsch, toegelicht door eene schetsteekening van het doorloopen terrein, komt voor in het meergenoemde werk van Perelaer.

Sluiten