Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Keizer van Frankrijk, wiens hulp men had ingeroepen, was niet geneigd

zich met de Atjehsche zaken in te laten.

Ondertusschen was, ten gevolge van den zeeroof der Atjehers, de toestand voor den handel in deze streken onhoudbaar geworden. De Gouverneur van de Straits-Settlements vaardigde dan ook tot twee malen eene publicatie uit, teneinde de Britsche onderdanen openlijk te waarschuwen voor het gevaar, dat personen en goederen bedreigde in de wateren van NoordSumatra. Door het „Londensch tractaat", dat de onafhankelijkheid van Atjeh waarborgde, was Nederland onmachtig om met kracht tegen dit rijk op te treden en aan den bestaanden toestand een einde te maken. Engeland werd evenwel bereid gevonden dat tractaat te laten vervallen.

Een nieuw verdrag, het „Sumatra-tractaat", werd den 2den November 1871 tusschen Engeland en Nederland gesloten; de inhoud was van dien aard, dat Nederland eindelijk op Sumatra de handen vrijkreeg. Nederland had de ratificatie van dit verdrag door de regeering van Engeland slechts kunnen verkrijgen door het verkoopen zijner bezittingen op de kust van

Guinea aan dat rijk.

Artikel I van dit verdrag luidt als volgt:

Hare Britsche Majesteit ziet af van alle vertoogen tegen de uitbreu ing „van het Nederlandsch gezag in eenig gedeelte van het eiland Sumatra en „mitsdien van het voorbehoud in dit opzicht, voorkomende in de Nota s „door de Nederlandsche en Britsche gevolmachtigden uitgewisseld bij het

.sluiten van het tractaat van 17 Maart 1824 .

Het volgende jaar (1872) wendden verschillende aan Atjeh onderhoorige staatjes pogingen aan, zieh aan het Nederlandsch gezag te onderwerpen De regeering, welke eene vredelievende oplossing van het Atjeh-vraagstuk wenschte, ging eehter op deze verzoeken niet in. Er werf besloten eene commissie naar den Sultan van Atjeh te zenden, teneinde op nieuw te trachten op hechten grondslag een verdrag te sluiten, waarbij veilighe voor handel en scheepvaart gewaarborgd zoude worden. De verdere loop der gebeurtenissen was eohter oorzaak, dat deze commissie niet naar Atjeh

Sluiten