Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

reservepark, geweermakers-atelier, buskruit-magazijn;

totale sterkte: 26 officieren, 643 minderen, 177 rijkspaarden en 74 vuurmonden.

Genie:

Commandant: majoor G. van Zuijlen;

2 compagnieën mineurs en sappeurs (bij de brigades);

park, bestaande uit: 27 barakken, bouwmaterialen, 5 drijver- en 4 prauwvlotten, twee houten bruggen, houtwerk voor een zeehoofd, draagbaar spoorwegmaterieel (12000 M. rails en 16 wagens), 20 norton pompenT 350 stormladders, smidse, veldlaboratorium enz. enz., totale sterkte 18 officieren, 300 minderen en 250 werklieden.

Topographische dienst:

Chef: kapitein F. von Balluseck, (3 officieren, 14 minderen en 35 koelies.)

Militaire administratie en intendance:

Chef: majoor-intendant J. Hofstede;

27 officieren, 12 adjudant-onderofficieren, 40 schrijvers en 75 minderen; de trein bestaande uit: 3280 dwangarbeiders, 43 ossenkarren, benevens 1037 officiersbedienden en 243 soldatenvrouwen; voorts eene machinale broodbakkerij.

Geneeskundige dienst:

Chef: majoor J. Hessig ;

met 1 officier van gezondheid, 1 apotheker en 67 minderen voor het veldhospitaal; 6 officieren van gezondheid, 2 apothekers en 60 mindei en voor de ziekenschepen en voorts het personeel, bij de brigades ingedeeld. Burgerlijk personeel:

3 geestelijken, militaire auditie, veldpost, secretarissen en schiijveis van den Regeerings-Commissaris, voorts gidsen, tolken en Inlandsche zendelingen; totaal 14 Europeanen en 15 Inlanders.

De totale sterkte der landmacht bedroeg + 8200 officieren en minderen en + 4800 koelies, bedienden enz.; in het geheel dus 13000 hoofden.

Sluiten