Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PLAAT 15.

VILLA TE *s GRAVENHAGE.

ARCHITECT B. J. OUENDAG.

Een uitstekend voorbeeld van de combinatie van metsel* werk en pleisterwerk aan buitenmuren geeft dit bouwwerk, van den architect Ouendag, te zien. De buitenmuren zijn opgetrokken in LTtrechtschen steen van den waalvorm. Als natuursteen is Oberkirchner zandsteen toegepast. De kappen zijn afgedekt met roode parallelpannen.

In de beganegrond»verdieping zijn gelegen een vestibule en hal, service, eetkamer, salon met terras, serre, knechts» kamer, huiskamer en keukens.

Op de eerste verdieping vindt men studeerkamer, boe» kenkamer, logeerkamer en slaapkamers. De eetkamer en het salon zijn voorzien van eikenhouten parquetvloeren in asphalt en hebben eene in blank eikenhout uitgevoerde betimmering. De plafonds bestaan eveneens uit eikenhout met vullingen van fraai batikwerk op doek. De schoorsteen» boezem in de eetkamer is eveneens met dergelijke vul» lingen in perkament voorzien.

De vestibule en hal met eikenhouten trap, is bekleed met een marmeren lambriseering.

PLAAT 16.

WATERTOREN TE WAGENINGEN.

ARCHITECT ROELOF KUIPERS.

Dat voor utiliteitswerken de baksteen een uitmuntend materiaal is bewijst het bouwwerk op deze plaat afgebeeld.

De toren, geheel van baksteen opgetrokken met spaar» zame gebruikmaking van hardsteen, behoort tot de drink» waterleiding te Wageningen. Het laagreservoir is uit baksteen samengesteld en afgedekt met een grondlaag van 1 Meter dikte.

De waterreservoirs zijn toegankelijk door speciaal afge» sloten ingangen. In den toren geeft een trap van cement» ijzer en metselwerk samengesteld, toegang tot de verdieping waarop het hoogreservoir gelegen is.

Sluiten