Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaan, het lijden van den toorn Gods die er tegen uitgaat. Den toorn Gods, zooals onze Catechismus zegt, tegen de zonde van ons gansche menschelijke geslacht.

Niet als een optelsom, de zonde van a -)- b -|r c. Maar, omdat hij onze tweede Adam, ons tweede Yerbondshoofd was, de geconcentreerde zonde van heel ons geslacht. De zonde als schrikkelijke kiem van alle zonde. Het gif op zijn sterkst. De zonde in haar helsche wezen. Yan alle zonde de innerlijke demonische saamvatting. En daartegen ingaande de volstrekte toorn van Gods heilige majesteit, op zijn ziel inwerkende met dood-, eeuwigen dood-ademenden vloek.

Dat was zijn zieleangst, dat zijn doodelijke zielsbenauwing, dat het zwoegen zijner schier bezwijkende ziel, waarin hij het ten slotte voelde, niet dat hij als God van God losscheurde — dat kan in eeuwigheid niet — maar dat zijne ziel van God losbrak, en God zijn ziel losliet, en hij het voor alle duivelen en engelen uit moest klagen: Mijn God, mijn God, waarom hebt. Gij mij verlaten! Eli, Eli, lamma sabachtani!

En dit ging door tot in den dood.

Niet een dood als het sterven van Gods kind, als in doorgang tot het eeuwige leven.

Maar een verzinken in de diepte van den eeuwigen dood, waarin alle schepsel voor eeuwig zou verzwolgen en bezweken zijn, en waaruit hij alleen op kon komen, omdat de Vader hem met zijn almachtigheid hield, en hij, zelf God, den dood te sterk was, zoodat de dood hem niet Icon houden.

En daarom kon zijn ziel niet verkwikt worden, eer het uit was; eer in den eeuwigen dood de zonde der wereld die hij droeg, weer van hem gleed.

En toen was zijn ziel vrij.

En toen zag hij het aan den arbeid zijner ziel, wat heerlijkheid verworven, wat buit gewonnen was, wat glans zonder eind hem tegenstraalde.

Het lijden des lichaams was er daarom ook wel. En ook dat was naamloos. Maar toch in dat lijden, door het vergieten van zijn bloed, kon alleen de arbeid zijner ziel de reddende waardij instorten.

Wat Jezus in de ziel leed ging het diepst.

Sluiten