Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORWOORD.

Deze oorlog schijnt te zullen worden gevoerd, totdat een algeheele uitputting aan alle kanten zal zijn ingetreden. Dat mag niet!

Het congres van Weenen van een eeuw geleden heeft, noodlottigerwijze, de mogendheden van Europa onderscheiden in groote en kleine. Niet een recAisbeginsel maar een machtsbeginsel werd zoodoende aan de verhouding der staten ten grondslag gelegd. Met de gevolgen van dien! De kleine mogendheden werden als non-valeurs beschouwd, als staten, met welke men niet had te rekenen. De groote staten strijden ook in dezen oorlog niet voor het recht en voor de bescherming der kleine staten, zij zijn voortdurend tegen de kleine staten opgetreden op een wijze, waaruit is gebleken, dat nóch het recht nöch de bescherming van den zwakkere in hunne handen veilig is. De couranten hebben schier iederen dag zoovele bewijzen daarvan medegedeeld, dat voorbeelden overbodige weelde zouden zijn. Tusschen groote en kleine staten heerscht niet het recht maar de macht, niet het recht maar het grofste onrecht.

Met dei verhouding tusschen de groote staten onderling is het niet beter gesteld. Toen eenmaal enkele staten waren verklaard groote mogendheden te zijn, is tusschen hen ontbrand de strijd om den voorrang, in ernstiger mate dan vroeger de rivaliteit heerschte. Bedenken wij, dat eerst thans, na anderhalve eeuw, is uitgemaakt, dat niet Frederik de Groote de schuld draagt voor den zevenjarigen oorlog, dan moeten wij vreezen, over "de schuldvraag met betrekking tot de oorlogen der laatste eeuw nog niet met voldoende zekerheid te1 kunnen oordeelen. Maar toch mag worden vermoed, dat motieven van min-

Sluiten