Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1142 (X) van het Burgerlijk Wetboek voor de huurpenningen verbonden zijn verklaard.

752. De goederen van denzelfden aard, voor zoo veel die aan onderhuurders toebehooren, kunnen in beslag genomen worden voor huren, door den .eersten huurder verschuldigd, maar zij zullen opheffing van het beslag bekomen, wanneer zij bewijzen dat zij zonder arglist hebben betaald.

Zij kunnen geene betalingen doen gelden bij voorraad gedaan, dan voor zoo ver zulks geschied is overeenkomstig artikel 1582 (*) van het Burgerlijk Wetboek.

753. Het beslag zal gedaan worden op gelijke wijze als het beslag op roerende goederen; de persoon tegen wien het beslag gelegd is, kan worden aangesteld tot bewaarder, ten zij het vruchten gelde, welke nog ' tak- of wortelvast

mocht kunnen aantoonen zijne huurpenningen volgens de overeenkomst to hebben voldaan.

(X) Do verhuurder kan do roerondo goederen, waarop hem bij artikel 1140 voorrecht is toegestaan, in beslag nemen, indien dezelve buiten zijne toestemming vervoerd zijn; en hij behoudt daarop zijn voorrecht, al waren dezelve ook aan eenen derde, door in pandgeving, of op eene andere wijze, verbonden, mits hij die voorwerpen gerechtelijk hebbe.opgeeischt binnen den tijd van veertig dagen na het vervoeren der roerende goederen tot eene landhoeve behoorende, en binnen den tijd van veertien dagen, indien het zaken betreft welko tot stoffeering van een huis hebben verstrekt.

(*) Een tweede huurder is, ten aanzien van den eigenaar, niet verder gehouden dan tot het beloop van den huurprijs der tweede huur, welken hij, op het oogenblik van een gedaan beslag, aan den eersten huurder zoude mogen schuldig zijn, en zonder dat hij zich op betalingen, bij voorraad gedaan, beroepen kan, ten ware die betalingen mochten zijn geschied uit krachte van een beding, bij zijne huurovereenkomst uitgedrukt, of ten gevolge van plaatselijke gebruiken.

Sluiten