Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stelden, die, voor zoover het onderwerp der vordering betreft, krachtens wettelijke bepalingen zijn of vrijwillig zich hebben onderworpen aan het voor Europeanen vastgestelde burgerlijke en handelsrecht, te weten:

a. indien de vordering loopt over eene bepaalde waarde, het bedrag van vijfhonderd gulden niet te boven gaande:

1°. van alle persoonlijke rechtsvorderingen, ook dan wanneer bij eene vordering tot betaling van interessen eener inschuld. de hoofdsom dezerinschuld meer dan vijfhonderd gulden bedraagt;

2°. van alle vorderingen tot betaling van erfpachten;

3°. van alle vorderingen tot opeisching van roerende zaken.

De bevoegdheid van den residentierechter houdt op:

1°. wanneer, bij verwering tegen eene der genoemde vorderingen, de rechtstitel wordt betwist, met het gevolg dat het geschil loopt over eene onbepaalde waarde of eene waarde, vijfhonderd gulden te boven gaande;

2°. wanneer eene der genoemde vorderingen een gedeelte betreft hetzij van eene grootere geldsom hetzij van eene algemeenheid van roerende zaken en de rechtstitel wordt betwist, met het gevolg dat het geschil loopt over eene onbepaalde waarde of eene waarde, vijfhonderd gulden te boven gaande;

b. over alle vorderingen, onverschillig over welke waarde zij loopen, wanneer zij strekken:

1°. tot vergoeding van schade, hetzij door menschen, hetzij door dieren toegebracht aan land, houtgewas, boom-, tuin- of veldvruchten;

2°. tot zoudanig herstel van en tot zoodanige

Sluiten