Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en het derde deel door het Avondmaal; maar beduidt dat, waar God de gelegenheid geeft, niemand zonder schade de bediening van het Avondmaal ongebruikt laat. Christus heeft die instelling voor ons noodig geacht opdat we in gemeenschap met hem de volheid en zekerheid van zijne verlossing recht genieten en verstaan, en daarom zal de knaap die dat antwoord geeft, al vroeg leeren zich niet voor sterker te houden dan Christus hem kent; opdat hij die reeds gedoopt is en het gepredikte Woord hoort, straks ook tot versterking van eigen zwak geloof het Sacrament van het Avondmaal gebruike.

Omdat er nu twee Sacramenten zijn, dient er ook, bij alle eenheid, onderscheid te bestaan tusschen Doop en Avondmaal. Dat onderscheid wordt op deze wijze uitgedrukt: „In den Doop hebben wij, die uit onszelven vreemdelingen zijn, het getuigenis dat we in Gods huisgezin opgenomen worden; in het Avondmaal betoont God door onze zielen te voeden Zich als Vader"1). Zij dienen dus om het geloof te voeden, te sterken en te doen uitkomen 2).

Inderdaad hangt het verschil tusschen de Hervormers

') „Baptismus veluti quidam in Ecclesiam aditus nobis est. Illic enim testimonium habemus, nos, quum alioqui extranei alienique simus, in Dei familiam recipi, ut inter eius domesticos oenseamur. Coena vero testatur, Deum se nobis, animas nostras alendo, Patrerri exhibere." P. 162, cf. p. 167 et Inst., lib. iv, cap. xvn, s. 1.

2) Tot onderwijzing en bemoediging heeft Kohlbrügge de vraag gesteld: „Is het noodzakelijk dat men bij het genot van brood en wijn bijzondere gewaarwordingen hebbe?" en geantwoord: „Het gezonde geloof houdt zich aan het Woord, de werking openbaart zich daarna — in tijd van nóód." A. Vragen en Antw. blz. 151.

Sluiten