Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XI.

TER WALVISCHVANGST.

Schellingerland is gedurende meer dan twee eeuwen (de 17<3e en 18de) zoo nauw verbonden geweest aan de Groenlandsche visscherij, dat daaraan een afzonderlijk hoofdstuk moet worden gewijd.

De worsteling tegen Spanje, om God naar Zijn Woord te kunnen dienen, had bij onze vaderen alle sluimerende krachten doen ontwaken. Zij ontvlamden in geestdrift voor groote daden, en wijd van blik als deze stoere Calvinisten waren, maakten zij het oude Godswoord: »vervult de aarde" tot hun leuze.

Vooral op het rijke Indië, werwaarts alleen de gehate Spanjaard den weg wist, hadden zij een begeerigen blik geslagen. En niet langs den Zuideroceaan, maar om den Noord zouden ze dit nieuwe land trachten te bereiken. Vandaar dat verschillende tochten werden ondernomen om de onbekende Poolzeeën te verkennen.

't Ligt niet in ons plan het verloop dezer ondernemingen te beschrijven, maar niet onvermeld mogen hier blijven de namen der drie mannen, die er de ziel van waren. Wij bedoelen Petrus Plancius,1) Olivier Brunei2) en Willem Barentsen. Merkwaardig drietal,

') Over Plancius zie men: Glasius Biogr. TVoordenb.

2) Over Brunei: Mr. S. Muller, Geschiedenis der Noordsche Compaqnie bl. 26 v. v.

Sluiten