Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aangehouden voor de officieren en voor de onderofficieren en minderen, terwijl ten behoeve van het aanhouden van zoodanige stamboeken bij het Departement van Koloniën op gelijke wijze opgaven opgemaakt en aan dat Departement ingediend worden.

§ 16. De Minister van Koloniën stelt regelen vast betreffende het beheer en de verantwoording van gelden, goederen en levensmiddelen, alsmede omtrent het beheer van de ziekenkamer, het hospitaal, het kleeding- en nachtlegermagazijn en den werkwinkel, benevens modellen voor de bewijzen, de verantwoordingsstukken en de verzamelingen, in verband daarmede op te maken.

§ 17. De bedragen van:

а. de traktementen en toelagen der officieren en onderluitenants;

б. de soldijen van de militairen beneden den rang van onderluitenant ;

c. de dagloonen van het vaste personeel;

d. idem van het burgerpersoneel;

e. de bijslag, vergoedingen en andere betalingen, en ƒ. de premiën bij engagement en reëngagement,

zoomede de hoeveelheden der kleeding- en uitrustingsstukken, de regelen, volgens welke deze bedragen en hoeveelheden worden toegekend en de omschrijving van de verschillende onderwerpen, waarvoor binnen de grenzen van Hoofdstuk I der begrooting van Nederlandsch-Indië uitgaven kunnen worden gedaan, zijn vermeld in de Tarieven I tot en met VII.

§ 18. De navermelde voorwerpen worden, naar gelang van de behoefte, door de zorg van het Departement van Koloniën verstrekt; de aanschaffing en betaling daarvan heeft derhalve niet rechtstreeks door het korps plaats, tenzij dit door den Minister van Koloniën mocht zij n of worden bepaald:

a. voorwerpen van kleeding, uitrusting, ledergoed en velduitrusting voor onderofficieren en minderen;

b. nachtlegeygoederen en andere benoodigdheden tot huisvesting van den troep in het garnizoen en in kampementen, en

c. andere voorwerpen en benoodigdheden, die op last van den Minister van Koloniën aan het korps mochten worden verstrekt.

§ 19. Bij alle aanschaffingen moet inzonderheid in acht worden genomen :

a. dat het aangeschafte van goede hoedanigheid en voor het beoogde doel geschikt zij;

l. dat de bedongen prijzen billijk en niet hooger zijn dan ter plaatse

voor gelijksoortige benoodigdheden wordt betaald;

c. dat bij aanschaffingen, waarvoor dit bij algemeene voorschriften is of wordt bevolen, het benoodigde in het openbaar moet worden aanbesteed.

Sluiten