Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bezield door krachtig leven, en zoo was die groote orde bevorderlijk voor een krachtige ontwikkeling.

Van uitnemend beleid spreken ons de Constitutiones, waar ze bij het opnemen van novitii aanmanen tot groote omzichtigheid en daarbij niet te letten op voornaamheid of rijkdom of op eenige wereldsche zaak; ook werden de novitii aan een proefjaar onderworpen en wanneer ze dit goed hadden voleindigd en bij hun verlangen bleven, werden ze op indrukwekkende wijze geprofest.

De broeders leidden een eenvoudig*) en werkzaam ") leven. We lezen hoe de broeders om vier

1) „Labor frequens et esuries, olera, pultes et legumina facit esse saporosa en verder „Breuis est voluptas, vbi regnat magna paupertas" zegt Busch in Lib. II cap. V getiteld: „De sobrio victu fratrum in Windesem qui pernimiam duorum fratrum abstinentiam edocti decreuerunt fratres suos debere bene manducare."

2) Zie Chronic. Windes. Lib. II cap. VII „De feruido labore fratrum de Windesem." Hier wordt gewag gemaakt van hun verschillende soort arbeid, ook van handenarbeid, in de iste plaats van hun bouwen: „Vidimus et alios fratres domus nostrae professos tres, quatuor, quinque, sex de expeditioribus et melius valentibus trullas coementarii manibus gerentes, muros domorum et monasterii lapidibus et coemento pariter componentes, et eos ad chordae regulam in altum producentes, alios autem fratres calcem cum arenula aqua permiscentes, coementum exinde magnis cum laboribus debite conficientes, alios lapides et coementum humeris suis et manibus alacriter comportantes, alios itidem fratres diversis laboribus pro ipsis edificiis celeriter perficiendis fidelissime insistentes, debiliores autem fratres viribus deficientes humilitate aliis se aequiparantes, baiulariis, videlicet lapides imponentes, portariis hinc inde sportulas adimplentes, seu hastulas sub carpentariis colligentes. Haec omnia et plura his similia vidimus, quoniam in his omnibus cooperatores fuimus, et per singula pene transivimus (Dit laatste verklaart ons de buitengewone levendigheid en frischheid van het oude kroniekske hier); in de 2de plaats van hun tuinarbeid: „vidimus et alios fratres nostros chorales humilibus sepissime et rusticanis operibus,

Sluiten