Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het doel was, dichter te komen bij God, toe te nemen in de wijsheid uit God. Het zal hem niet te doen zijn geweest om veelheid van kennis en geleerdheid. Ook verstandelijke verheldering was hem slechts middel — een misschien te veel verwaarloosd middel —, doel was opbouwing in 't geloof en levensheiliging.

Ik kan me voorstellen, dat hij vaak als biddend studeerde, dat de heilige gedachten van anderen hem zoo bezielden, dat zijn studie was een gebedsworsteling met God. Al vinden we bij hem (vooral in zijn soliloquum) veel termen en gedachten, die ons doen denken aan Ruysbroek of een anderen mysticus van algemeenen invloed :), zoo zeer had hij zich die gedachten en termen eigen gemaakt, zoo waren ze door zijn ziel gegaan, dat hij ze levend uit het diepst van zijn wezen, als zijn eigendom, op God veroverd te voorschijn bracht.

Nadat hij eenigen tijd onder de fraters geweest

was, ging hij op raad van Heer Florens naar Win-

desheim „deinde per eundem Dominum Florentium

in Windesem pro religione assumenda fuit trans1' 2\

missus )

1) De invloed van Ruysbroeck op Gerrit de Groote en diens liefde voor hem is bekend; van eerbied voor Suso spreekt ons deze plaats uit de Chronic. Windes. I, XLI „Dixit enim pater noster [scilic. Joh. Vos] coram nobis, quanto afifectu cellam illius devoti fratris ordinis praedicatorum, qui „horologium aeternae sapientiae" instinctu Saneti Spiritus ediderat, in Constantiensi civitate cum aliis devotis patribus libenter visitavit."

2) Chron. Windes., pag. 521. Deze plaats heeft stof gegeven tot de volgende niet te motiveeren voorstelling, dat Gerlach, een half-krankzinnige, door Florens uit zijn schoolhuis uitgestooten, naar de broederen te Windesheim trekt. Vermeld bij Moll, Kerkhist. Archief dl. II, pag. 149.

Sluiten