Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INLEIDING.

Bijna vijf en dertig jaar geleden schreef de GouverneurGeneraal Merkus reeds, dat liet hem bij de menigte bestaande reglementen, instruCtiën en bepalingen onverklaarbaar was, zoo weinig betreffende de heffing der landrente te vinden.

Sinds is de toestand niet veranderd, en nog steeds zijn »de ordonnantiën op het stuk dier belasting in zulke alge»meene bewoordingen bevat, dat het geen verwondering kan »baren, dat zij zulke gebrekkige uitkomsten hebben gegeven".

De oorzaak van de gebrekkige uitkomst toen, bestaat thans nog. Zij ligt in gebrek aan kennis, zonder welke, zooals de Directeur van Cultures G. L. Baud meende, «steeds "gelijk tot dusver is gedaan, in den blinde zal worden «rondgetast".

Het opdoen van die kennis, niet uit boeken en bladen, maar in de desa en van de bevolking, is ons door het Staatsblad 1878 n°. 110 en de daaruit gevolgde bescheiden tot ambtsplicht gesteld.

Doch zal die kennis nuttig zijn en daar niet als kostelijk maar onbruikbaar materiaal ter neder liggen, dan moet ze eerst in concreten vorm verwerkt worden.

Daartoe wil ik in het volgende opstel eene poging wagen.

Ik hoop dat ieder mij daarin naar de mate zijner krachten zal navolgen.

Zoodoende kan ieder voor zijn deel bijbrengen tot het stichten van een gebouw in den vorm eener landrenteordonnantie, dat den lijd trotseert, en, om de woorden van den Heer Merkus te gebruiken, »niet bij de stichting reeds «door gebrek aan hechte fondamenten wankelend en tot «instorten geneigd is".

Sluiten