Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

semi-con versie, waarin vele desa's verkeeren, dat men slechts eene enkele maal het bezwaar hoorde, dat bij individueel bezit nieuwelingen en jonggetrouwden geen aandeel zouden krijgen.

Re bezwaren tegen eene conversie heb ik boven uit een Javaansch standpunt vermeld, om beter te doen zien hoe algemeen men er tegen gekant is, De conversie maakt een onderwerp der Javaansche politiek uit, waarbij samenspraak van linden uit verwijderde desa's schijnt plaats te hebben. De redenen, die men voorbracht, kunnen wij, Westerlingen, met onze logica te niet doen, maar daarentegen de Inlander verdedigt zich, als hij kan.

Zoo zeide men te Soho: »zoodra de velden individueel «zijn, zal er duurte van rijst ontstaan". Uil die verklaring is de afgelegen desa, die geen geld tot ruilmiddel heeft en door eigen handenarbeid in alle levensbehoeften voorziet, gemakkelijk te herkennen.

Na een nauwkeurig onderzoek in ongeveer vijfhonderd desa's, nadat ik duizenden Inlanders persoonlijk er over had gesproken, werden, in tegenspraak met het algemeene verlangen om het communaal bezit te mogen behouden, de volgende afwijkingen gevonden.

Het gehucht Tempel, dat velden van ééne soort heeft en daarom niet meer verwisselt, is niet tegen conversie, en dit terwijl de hoofddesa het communaal bezit wenscht te behouden. Verder verklaarden de desa's Kalidawir, Toenggangri, Djabon, Karang-Taloen, Soekoredjo en Djoho zich er voor. Deze desa's, bij elkander gelegen en te zamen het onderdistrict Kalidawir vormende, verwisselen sinds zeven jaar niet meer van aandeelen. Men gaat er zelfs zoover van den zoon hel aandeel van den vader te geven, en als de zoon daartoe te jong is, dat aandeel in afwachting van zijne meerderjarigheid te doen bewerken door een ander. Of een doorzetten van de conversie de bevolking daar niet, even als te Trëngalèk, weer tot communaal bezit voeren zal, moet aan den tijd ter beslissing overgelaten worden.

Sluiten