Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

minstens, te zorgen, dat met uitzondering van het weinige, waarvoor zich opkoopers aanmelden, en van hetgeen zelf wordt verbruikt, de boom en aardvruchten dikwijls palen ver naar de pasar's worden heen getorscht en daar geplaatst. Kon men nu nog maar alles per kar of per schuit in eenige keeren bijv. vervoeren, maar juist door de geringheid van eiken pluk moet alles worden gedragen. Daarvan het verschijnsel, dat er zooveel minder voordeel wordt getrokken van de grootere dan van de kleinere erven. Men kan toch niet ten goede gebruiken hetgeen er van die dagelijksclie producties op veel meer dan een halven bahoe groeit. En daardoor is tevens verklaard waarom in sterk bewoonde streken de bezitter van een erf, die er een ander bij koopt, daar bouwgrond van maakt; waarom de weduwnaar zijn erf verlaat, als er geene vrouw meer is, die de vruchten verkoopen kan; waarom de ouden van dagen hun erf aan een kant doen, als de man niet meer de vruchten uit de hooge boomen kan halen. En zoo wordt tevens natuurlijk, hoe men een erf verkoopt gewoonlijk tegen een prijs, die door de bruto inkomsten van een enkel jaar ruim reeds zou gedekt zijn.

HOOFDSTUK III.

DE OPBRENGST DER NEYENBEDRIJVEN.

Hetgeen de boerenfamilie nevens haar landbouwbedrijf verdient, methodisch te brengen onder verschillende lakken van nijverheid, is ondoenlijk. Wie verzamelt of plant, fabriceert dikwijls en verkoopt tevens De mattenmaker verzamelt zijne grondstof, slaat het touw tot het aaneenrijgen benoodigd, klieft en bewerkt den rottan voor de randen en verhandelt zelf zijn fabrikaat. De pannenbakster delft de klei, maakt hare eigen vormen, draait en bakt de potten en brengt die zelve ter markt. De weefster spint uit de zelf geteelde katoen garen, verft het met zelf in het bosch of op het erf verzamelde stoffen, weeft haar doek, en brengt het ten verkoop.

Sluiten