Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zooveel kan verdiend worden. Hij werkt niet gaarne bij Europeanen, vooral niet als hij gezeten is, en minstens een huis en erf bezit. Wel kan hij lang achtereen bezig zijn, maar zonder hard te werken. Evenals zijn meerdere, de prijaji, kan hij te paard zitten van 's morgens vroeg tot 's avonds laat, mits het stapvoets gaat; zoo kan ook de landbouwer spitten, planten, oogsten, hakken, loopen, vele uren achtereen, maar langzaam aan, op zijn gemak uitrustende, liefst in gezelschap van anderen, om hem aan te zetten, als eenige arbeid na de rust moet hervat worden. Alleen als de nood dringt, bijv. als de landrente moet worden betaald, en hij zijn voorraad padi er niet voor wil aanspreken, toont hij te kunnen als hij wil. Dan ziet men lieden, die dikwijls verscheidene spannen karbouwen hebben, zich voor eene halve maand en langer onder de orders van de Europeesche opzichters stellen, zwoegende onder taakwerk, om met de winst de belasting aan te zuiveren. Maar anders blijven zij weg van plantage en fabriek, en houden zich daardoor afgezonderd van de eigenlijke daglooners, die, van de boeren verschillende in neiging en uitvoering, een afzonderlijken stand vormen, merkwaardig genoeg in ontwikkeling en bestaan, om eens een beschrijver te hebben.

VERZAMELEN VAN KALKSTEEN.

Aan den rand der wildernis vindt men in het Zuidergebergte den kalksteen. Waar hij in punten en blokken op niet meer dan eenige tientallen roeden van de rivier voorkomt, wordt hij gewonnen. In vier dagen tijds kan men er van ondergraven; beurtelings verwarmen en met water eenklapsafkoelen; de gescheurde stukken slaan tot de grootte van een klapper; en eene kubieke el daarvan aan den rivierkant opstapelen, die naar den tijd van het jaar voor l tot '2 gulden door lieden van Toeloeng-Agoeng wordt opgekocht.

Daarmede zijn wij de wildernissen uit, en komen de rowostreken door, waar men een weinig vischt, zooals wij boveu vermeldden, en de meeste inkomsten trekt van den bamboe,

Sluiten