Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

cultuur kan daarbij niet helpen, omdat zij in den regel zoo moeilijk is te verkrijgen.

Ieder, die wel eens tuberkelbacillen heeft gekweekt en de daaraan soms verbonden eigenaardige moeilijkheden persoonlijk heeft ondervonden, gevoelt de groote verdiensten van K o c h, die dien bacillus het eerst cultiveerde en de daarvoor het meest geschikte methode zelf heeft moeten zoeken, een methode, die eigenlijk nog maar heel

weinig veranderd is.

De moeilijkheden, aan het kweeken van den tuberkelbacillus verbonden, zijn in de eerste plaats gezeten in den langzamen groei en in de tweede plaats in het feit, dat men in den regel een cavia als tusschendier moet gebruiken. Verder kan men als een moeilijkheid aanmerken, dat men bepaalde voedingsmedia dient te nemen; doch dat zijn zaken, waarop men rekent, na hetgeen Koch en, in navolging van hem, anderen daaromtrent hebben medegedeeld.

De langzame groei brengt mede, dat men de gewone plaatmethode niet kan gebruiken indien het materiaal onzuiver is, omdat in den tijd, dien de tuberkelbacillen noodig hebben om te groeien, alle eventueel in het materiaal aanwezige andere bacteriën reeds lang de overhand zouden hebben gekregen. Men moet dus dadelijk uit zuiver materiaal een reine cultuur zien aan te leggen,"en dat zuivere materiaal bekomt men het best door met de eventueel te onderzoeken stof een cavia te enten. Bovendien is het echter beter van de plaatmethode geheel af te zien, omdat platen met den voedingsbodem veel sneller

uitdrogen dan reageerbuisjes.

Heeft men het materiaal zorgvuldig en op steriele wijze op den voedingsbodem uitgestreken, dan krijgt men, indien men gelukkig is, na een dag of zeven de eerste kleine culturen, terwijl dikwijls eerst na drie weken of een maand van een rijkelijken groei kan worden gesproken.

Wil men van een gunstig resultaat verzekerd zijn, dan ent men niet één, doch meerdere buisjes. Het gebeurt niet zelden, dat van een twintigtal geënte buisjes er maar één opkomt.

Vermoedt men, dat het materiaal onzuiver is, dan kan men, indien het weefseldeelen betreft, desinfecteeren door middel van gloeiende messen, of wel door het dompelen in sublimaatwater en opvolgend afwasschen in steriel water. Zelfs kan men op die wijze uit sputum, hetwelk in den regel andere micro-organismen bevat, toch zuivere culturen krijgen. Men wascht het sputum herhaalde malen in sublimaatwater en wascht daarna in steriel water af. De begeleidende bacteriën kunnen op die wijze gedood worden en, in het slijm inge-

Sluiten