Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ing omahé Kjai pandé, sinaoe pandé: aparon dengkoel, apaloe asta, asoepit daridji. — Koela matoer ing sampéjan, daharanipoen sampoen sadija. — Jen akoe menjang pasar, akoe arep mampir ing omahé si Patra. — Poenika anak koela, anama poen Djaja.

17.

Is je zoon, die naar Kediri gegaan is, al terug? — Sambija, ben je al bij den Chineeschen kleermaker aan geweest, om te vragen of mijn jas al klaar is? — Wat ligt daar op de tafel? De soldaten gingen voorwaarts. — Met uw verlof, ik kom U zeggen (= ik zeg tot U), dat de schoenmaker daar is. — De vijand trok terug. — Er loopen drie mannen op de sawah van

Het water der rivier stroomt naar zee. — De klok

luidt. — De landbouwers keeren naar huis terug. — De patih trad vooruit en sprak tot den vorst. — Ga je mee of blijf je

hier? De vrouw antwoordde: hier is niemand. — De bode

is nog niet vertrokken. — Gisteren ging ik naar de desa Moerè, op de markt aldaar waren veel menschen. — W il je niet binnen komen? — Om zes uur gaat de zon op. — Dat kind liep op den weg. — Ik ben van plan naar Samarang te gaan.

18.

Ik ben zeer verheugd, dat U komt; komt U zoo juist van huis? — Zijne moeder leeft nog, maar zijn vader is reeds gestorven. — Is zijne moeder weer getrouwd ? — Deze boom draagt nog geen vruchten. — De melati heeft al bloemen. — De Vorst gaf bevelen aan den Patih; de Patili ging vervolgens uit het paleis. — Van avond komen er gasten. — Loerah, is de brug van Dadapan al klaar? — Met uw verlof, het dak is nog niet klaar. — Zijne makkers vluchtten allen. — Ga je mee naar Soerabaja? Ja, wanneer (— bésoek apa) vertrek je? Als alles \fel is, aanstaanden (— bésoek) Dinsdag-Kliwon. Welke dag is 1t nu? Donderdag-Kliwon, dus over 5 dagen (= dus nog ontbreekt 1 pasar-week) veTtrek ik. — Om zes uur gaat de zon onder. — Ken je den demang van de desa Poerwadadi .J Met uw verlof, er zijn twee demangs; de eene, die Soeta-Menggala heet, is mijn oom.

Sluiten