Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

poelili kados ing waoe-waoe. Déné, sa-gesangé Embok Lara Moenten waoe, ladjeng laré tiga sami ngaken bodjo, kalijan njepeng tanganipoen Embok Lara Moenten.

78.

(Vervolg.)

Wondéning Mas Wasista, ingkang dipoen-tjepengi: tangan keng (= kang) kiwa, Mas Pengrawit tangan ingkeng tengen, déné Mas Noerngali angrangkoel goeloe. Kapisah tijang katah, boten poeroen oewal. ngantos ka-oeningan ing paréntah, saha kadangoe ingkang dados nalaripoen. Laré tiga ladjeng sami amratélakaken nalaripoen, kados-déning ingkeng sampoen katjrios (= katjerijos) ing ngadjeng waoe. Sareng paréntah sampoen soemerep atoeripoen laré tiga waoe, sakelangkoeng kèwedau, mila ngantos sapriki dèrèng angsal kerampoengan menggah prekawisipoen laré tiga waoe.

79.

Ngoko. Krama.

ana kang wonten ingkang sommige (eigenl.: er zijn er

die), . andere, terkadang terkadang somtijds.

De Javanen houden er veel van, tortelduiven te houden (— ngingoe); ze plaatsen ze (= doen ze wonen) in bamboekooien; van die kooien zijn sommige verguld, andere maar geverfd, ze worden opgehangen binnen of buiten het huis. Het zijn alleen de mannetjes die gehouden worden. Het doel van het houden (= 't nut = paidahé) van tortelduiven is tweeledig twee zaken): ten eerste om (= moenggoeh) het geluid (= de stem), ten tweede om het geluk, dat ze aanbrengen (= sawabé). De tortelduif, die men berkoetoet Madjapahit noemt, heeft de zwaarste (= grootste) stem en het schoonste (= beste) voorkomen; de prijs is zeer hoog, tot vijftig gulden, er zijn er die honderd, of twee honderd gulden kosten. Als iemand een perkoetoet Madjapahit heeft, denkt hij dat die hem grooten zegen zal aanbrengen. De Javanen zeggen, als iemand er een berkoetoet

Sluiten