Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De drie voltooide werken, welke na de vaststelling van het „algemeen plan" van 1891 aanhangig zijn gemaakt, zijn de Tangsiwerken in de residentie Kedoe, de Molek- en Kedoengkandangwerken in de residentie Pasoeroean; te zamen hebben deze werken betrekking op 18.400 bouw. Gevoegd bij de elf hiervoren genoemde werken komt men dus tot 14 voltooide en in exploitatie gebrachte werken, bestemd voor de irrigatie van rond 210.000 bouw.

Nog moet worden vermeld, dat een voorontwerp gereed is voor de bevloeiing uit de Tjitaroem van een complex van 110.000 bouw in de afdeeling Krawang, waarvan de kosten geraamd zijn op 12*/a millioen. De te bevloeien gronden zijn sawahs, thans van regen afhankelijk; omtrent de uitvoering is nog geen beslissing genomen, voorloopig is deze niet aanhangig gemaakt, omdat voor de uitvoering geen personeel beschikbaar is.

De bedoeling van het voorafgaande is een inzicht te geven van hetgeen door de werkzaamheid der technici op irrigatiegebied sedert 1885, dus in een 25-jarig tijdperk, is tot stand gebracht en voorbereid; maar dit inzicht wordt onvolledig, wanneer daarnaast niet wordt meegedeeld de totale uitgestrektheid der bevloeide sawahs. Deze cijfers zijn voor de jaren 1885 en 1907 ('t laatst verschenen jaar) volgens de Koloniale Verslagen als volgt, voor geheel Java en Madura, met uitzondering van de gewesten Soerakarta en Jogjakarta en van de particuliere landerijen. In afgeronde cijfers was de totale uitgestrektheid in 1885 der in geregelde cultuur zijnde velden 3.450.000 bouws en der zoogenaamde wisselvallige velden 120.000 bouws, of te zamen 3.570.000 bouws; van deze oppervlakte was bevloeid 1.678.000 bouws. Voor 1907 waren die cijfers respectievelijk 4.288 000, 364.000, 4 652.000 en 1.843 000 bouws; in die 22 jaren dus een toeneming der bouwvelden van 1.082 000, grootendeels ingenomen door tegallans en wisselvallig bebouwde velden en der bevloeide sawahs van 165.000 bouws.

De toeneming der bevloeide oppervlakte is niet in haar geheel, maar toch grootendeels te danken aan de door den Waterstaat uitgevoerde werken; zij is geringer dan de oppervlakte van 210.000 bouw, waarvoor de werken voltooid werden, omdat die werken voor een deel werden aangelegd ten behoeve van reeds bevloeide velden, wier bevloeiing echter door de onvoldoendheid der inlandsche werken onzeker was geworden.

Deze zelfde opmerking geldt grootendeels voor die werken,

Sluiten