Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goed gedacht en naar behooren uitgevoerd zijn ; en dat ze aan de streken, waarvoor ze zijn a^elegd, stabiliteit voor het landbouwbedrijf hebben gegeven, waarbij de herhaalde verstoring der bevloeiing niet voorkomt, waarmede men bij de inlandsche irrigatiewerken steeds te kampen heeft.

Uit het voorgaande zal een overzicht zijn verkregen van het geen sedert het jaar 1885, toen ook omtrent het bevloeiingswezen het inzicht ontstond, dat dit behoorde te worden toevertrouwd aan technisch goed onderlegde personen, door dit personeel werd tot stand gebracht en voorbereid voor den aanleg van werken. Tevens blijkt daaruit, dat daarmee nog verscheidene jaren kan worden doorgegaan, totdat de reeds aangevangen werken zullen zijn voltooid, en ook de grootste werken nl. die in Krawang en van de Solovallei zullen zijn tot stand gebracht. Op den duur zal men dan op Java een goed stel werken hebben gemaakt, welke beoogen het water der rivieren af te tappen en te benutten; men zal tegelijkertijd de oudere bevloeiingswerken meer volledig voor hun bestemming kunnen geschikt maken. In dat opzicht werd door de Irrigatieafdeeling reeds veel gedaan; ook meer uitgebreide werken worden daartoe voorbereid, zoo is men een paar jaar geleden begonnen met de opneming der afdeeling Sidoardjo, die door de beroemde werken te Melirip van den Hoofdingenieur de Bruijn worden bevloeid. Deze hoofdwerken hebben altijd uitstekend gewerkt en de bevloeiing in de afdeeling Sidoardjo was steeds goed, zoolang er zeer ruim water beschikbaar kon worden gesteld; het ontbreken van behoorlijke werken voor de detailbevloeiing deed zich toen niet gevoelen. Toen het water der Brantasrivier echter door de behoefte tot het in cultuur brengen van nieuwe streken door steeds grooter oppervlakte in gebruik werd genomen, werd het bezwaarlijk aan de afdeeling Sidoardjo bij voortduring ruime hoeveelheden water toe te voeren. Hoe daaraan tegemoet zal kunnen worden gekomen, is thans tot een punt van onderzoek gemaakt.

Ook zal wel spoedig het vraagstuk van den bouw van waterreservoirs voor Java aan de orde moeten worden gesteld, henerzijds gaat bij hooge vloeden der rivieren veel water verloren, dat bovendien dikwijls schade aanricht door overstrooming, anderzijds is nergens in den oostmoesson zooveel water beschikbaar voor den landbouw, als men zou wenschen. Door den aanleg van vergaarkommen waarin het teveel aan water

Sluiten