Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. v. in de sterk bevolkte afdeeling Pekalongan en in de vroegere residentie Bagelen een meer zorgvuldige cultuurwijze reeds wordt toegepast; de keurige bewerking der padi-gogoen tegalvelden in eerstgenoemde afdeeling, de zorgvuldige en zuinige water verstrekking in de Bagelen wijzen daarop. De bedoeling van bet voorgaande is niet te betoogen, dat bemoeienis met den inlandschen landbouw door het Departement van Landbouw overbodig zou zijn: integendeel een zorgvuldige studie van de rijstcultuur, van de vele ziekteverschijnselen en hunne bestrijding, van de middelen tot verhooging der rijstproducties is dringend noodig en het is zeker zeer gewenscht, dat daaraan alle aandacht zal worden geschonken. De resultaten dier onderzoekingen behooren in geschikten vorm ter kennis te worden gebracht van den javaanschen boer en voor zooverre ze invloed hebben op het waterbeheer, zal dit door onderling overleg tusschen de ambtenaren der irrigatie en van den landbouw aan de nieuwe eischen moeten worden aangepast. Maar dit is geheel iets anders dan „het verbeteren der cultures op grond van de wetenschap van landbouwkundigen, desnoods met dwang, door scherp toezicht op de cultures"; ik vrees, dat dit tot niets anders dan tot teleurstelling zal leiden, vooral wanneer de dwang wat krachtig optreedt. En ook daarom bestaat er althans voorloopig nog weinig urgentie, om het irrigatiebeheer te brengen onder landbouwkundigen; terwijl daarentegen de noodzakelijkheid van het voortdurend verbeteren der inlandsche bevloeiingswerken, welke bij de Irrigatie-afdeeling in beheer zijn, er sterk voor pleit voorloopig het technische element aan het hoofd dier organisaties te behouden, kunnende het Departement van Landbouw daarop uit den aard der zaak toch den gewenschten invloed door samenwerking doen gelden.

Onwillekeurig ben ik thans genaderd tot het onderdeel „rentabiliteit der irrigatiewerken" dat bij een overzicht van den tegenwoordigen stand van het vraagstuk niet onbesproken mag blijven. Over het geheel wordt over die rentabiliteit, in ruimeren zin over de verkregen resultaten van irrigatiewerken niet gunstig geoordeeld; de vorengenoemde schrijvers, de heeren Ntjhout van der Veen en von Essen, twijfelen aan die resultaten en bij de beraadslagingen in de Staten-Generaal over het onderwerp is ook door den tegenwoordigen Indischen Landvoogd gezegd, dat men zich van rentabiliteit der werken niet veel moest voorstellen. Wel is in de begrooting een onderscheid

Sluiten