Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met eer werkzaam. De mutualist Proudhon , die het sociale vraagstuk ter sprake bracht, wordt misschien te recht beschouwd als staande tusschen het spiritualisme en het positivisme, dat bij monde van Augtjste Comte zich grooten invloed wist te veroveren in tegen het Roomsch-Katholicisme gekeerde kringen. Groot was ook de beteekenis van Vinet voor de zedekunde door de beginselen waarvan hij uitging in de waardeering van het individueele en sociale leven. Onder hen die hem volgden, trekken inzonderheid E. Naville, Ch. Secrétan, E. de Pkessensé en Baoul Allier de aandacht, terwijl ook wel van andere zijde soms meeningen werden verspreid die niet vreemd zijn aan zijne zienswijze.

In Engeland bleven ook in deze eeuw beginselen leven, die vroeger aldaar de zedekunde eensdeels op empirischen weg hadden geleid, anderdeels haar zooveel mogelijk in goede verstandhouding hadden doen blijven met het kerkelijke leven. Op den grondslag, door Hume gelegd, verhief zich ook hier het Kantianisme, vooral door de werkzaamheid van Whewell. Door James Mackxntosh, die ook door Kantiaansche beginselen werd geleid, werd inmiddels — in aansluiting trouwens aan vroegere beschouwingen van einpiristischen aard — het utilisme voorbereid, dat door velen werd toegejuicht. Men wachte zich voor de meening, alsof hier een pleidooi voor min of meer grof hedonisme gevoerd wordt, en make ook tusschen Jeremy Bentham en John Stuart Mill behoorlijk onderscheid. Het kan niet worden ontkend, dat door utilisten zedekundige studiën van hoog belang geleverd zijn, maar dat het utilisme, ook al wordt het in zijnen edelsten vorm voorgedragen, wetenschappelijk

Sluiten