Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Volgnommer.

82. 83.

8L

85.

86. 87.

DATUM ^an AANHALING

der uit te Toeren Catalogus van de

werkzaamheden, BETREKKELIJKE VOORSCHRIFTEN.

NOV. of DEC. 193 B Art. 123, al. 3, en artt. 125 en 1?6 der wet.

(In den loop.) 1986 >■ 99 > al- 2 en 3, Staatsblad No. 230 van 1901 en

No. 234 vau 1904. Zie verder volgn. 34.

65 lï

NOVEMBER. ' 361 I Art. 138, al. 2, der wet.

(Vóór althans 2G1 A » 104, Staatsblad No. 230 van 1901 en No. 10 van

niet later dan den 410 a circ.°M. v. b. z., 28 Oct. 1902, Afd. m.s., No. 1854M. 5uen.) (v. Maanen, Verzameling, jg. 1902, blz. 960).

Ciro. M. v. B. Z. 28 Sept. 1898, Afd. M. S., La. A, No. 1459 M., slot der eerste zinsnede (v. Maanen, Verzameling, jg. 1898 , blz. 1319).

Circ. C. d. K. Z.-H., 8 Dec. 1892, A., No. 4232, 2de Afd.: 27 Dec. 1892, A., No. 4771, 2de Afd.

NOVEMBER.

(In den loop.)

NOVEMBER. 3194 Art. 109 der wet.

(Teil minste 3304 Artt. 80 en 82, Staatsblad No. 230 van 1901 en No.

10 dagen vóór 66, 2084, 10 van 1909,

den dag, voor de 380,338, 339,

opkomst bepaald.) 68> ^g^812'

3105

DECEMBER. 1869 Aanschr. M. v. O., 17 Dec. 1908, Ude Afd. No. 133.

(In de 1875 (1)

eerste dagen.) 1876 (1)

DECEMBER.

(In den loop.)

(1) De befatelnommers 1875 en 1876 zün slechts in enkele Provinciën voorgeschreven tot het doen van opgaaf c. q. negatieve opgaaf van de in de Gemeente gevestigde postduivenhouders. (Inzending vóór 12 September.)

OMSCHRIJVING DER WERKZAAMHEDEN.

Burgemeester en Wethouders doen, ten minste 10 dagen vóór den dag van het onderzoek, eene openbare kennisgeving (1) van de plaatsen, dagen en uren, waarop het onderzoek der verlofgangers van de militie te land, aan wie uitstel van het Juni-onderzoek is toegestaan, zal plaats hebben. Zie ook volgn. 77, en voor de na-inspectie, zoomede voor de oproeping in werkelijken dienst voor straf volgn. 35.

Bijzondere kennisgeving aan de verlofgangers bovendien is wenschelijk.

Burgemeester en Wethouders zenden aan den Commissaris der Koningin eene naamlijst Model No. 22) der lotelingen, die zich voor de zeemilitie hebben aangemeld of hebben doen opgeven, of wel een negatief bericht.

N.B. Van de naamlijst moeten worden weggelaten de namen van hen, ten aanzien van wie het niet twijfelachtig is, dat zij een beroep uitoefenen, hetwelk geheel valt buiten het kader van de vastgestelde beioepenlijst. Brief van M. v. M., 16 Mei 1902, Bur. S/B, No, 58 (Van Maanen, Verzameling, jaarg. 1902, blz. 688).

Tevens moet kolom 18 van het lotingsregister (Model No. 8), waar noodig, worden ingevuld.

Een afschrift van de openbare kennisgeving moet (voor Zuid-Holland) bij de in te zenden naamlijst gevoegd worden.

Als onder 69.

rv. i-nor\+ hn nnonharB tfinnisp'fivins' (1) de verlofgangers op, die

voor den dienst van het blijvend gedeelte van de voorjaarsploeg der Infanterie onder de wapenen moeten komen.

De Burgemeester zendt, bij aangeteekenden brief, een brief van oproeping aan hen die voor evenbedoelden dienst onder de wapenen moeten komen en zich met toestemming van of vanwege den Minister van Oorlog buitenslands ophouden.

Het is wenschelijk bijzondere kennisgevingen te doen toekomen aan de overige opgeroepen verlofgangers.

De Burgemeester doet eene openbare kennisgeving (1), houdende de bepalingen, waaronder lotelingen, die in het volgende jaar bij de Militie worden ingelijfd, kunnen worden opgeleid en aangesteld als Verzorger bij den Rijkspostduivendienst.

Als onder 69.

(1) Zie de noot op bladz. 5.

Sluiten