Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te projecteeren en daarna door v en E'" eene rechte lijn te trekken, vindt men in v\3 de doorsnede van het vlak V met het standvlak, terwijl hoek 0,vV3 den standhoek van V met het horizontale vlak voorstelt. Projecteeren wij nu volgens § 101 de punten C en D op het vlak V en slaan wij daarna het vlak om VV, neer op het horizontale vlak, zoo is C/D,' de nieuwe horizontale projectie van de lijn CD, waarvan de nieuwe verticale projectie C/'D," gemakkelijk gevonden wordt, nadat wij een nieuwe as van projectie OjX, hebben aangenomen. Het punt E, waarin de lijn AB loodrecht staat op het vlak V, komt in (E,', E/'), en dus is E,' de nieuwe horizontale projectie der lijn, welker nieuwe verticale projectie in E," loodrecht op OjXj is. Construeeren wij verder volgens § 105 den afstand (E,'G,', II/'G,") der lijnen, zoo behoeven wij nog slechts van de punten (E/, H,") en (G,', G,") de projectiën op de oorspronkelijke projectievlakken te construeeren — of, zooals men dit eenvoudigheidshalve noemt, deze punten terug te brengen — om de projectiën H'G' en H"G" te verkrijgen van de lijn HG, die de beide lijnen AB en CD loodrecht snijdt.

Om het punt (G/, G,"), dat in de lijn CD ligt, terug te brengen, behoeven wij slechts door G,' eene lijn loodrecht op VV, te trekken en uit haar snijpunt G' met CD' eene loodlijn op OX neer te laten en deze te verlengen tot zij C"D" in G" snijdt. G' en G" zijn nu de projectiën van het punt G op de oorspronkelijke vlakken.

Voor het terugbrengen van het punt (E/, H,"), dat in de lijn AB is gelegen, moeten wij E'"H'" = E,"Hloodrecht op v\3 stellen, daarna H"'H' loodrecht op A'B' neerlaten en eindelijk uit 11' op de bekende wijze 11" vinden.

Vereenigen wij nu ten slotte de punten (G', G") en (H', H") dan is Gil de gevraagde lijn, wier werkelijke lengte E,'G,' is.

Sluiten