Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ XXXVIII. Te niet gaan van concessies.

of een ongunstige beschikking inhoudt, wordt een afschrift gezonden aan den ambtenaar belast met de in- en overschrijving van vaste goederen [345].

7. Over den executorialen verkoop op verzoek van den vroegeren concessionaris of diens schuldeischers handelt § XXXIII. 8.

Wordt geen verkoop aangevraagd of leidt die tot geen resultaat dan wordt de concessie ingetrokken (§ XXXVI. 4).

I>e van zijn rechten vervallen verklaarde concessionaris kan niet als kooper der concessie optreden [IM. 38 (10)].

8. Na de vervallenverklaring blijft de concessionaris niettemin tot aan de overgave aan den nieuwen concessionaris, waartoe hij verplicht is [349], dan wel tot aan de intrekking der concessie, aan zijn verplichtingen als concessionaris gebonden, zullende de mijnwerken door hem tot op dat tijdstip behoorlijk moeten worden onderhouden [IM. 38 (12)].

1. Een concessie die van rechtswege is vervallen of wier termijn afloopt, wordt gezegd te zijn te niet gegaan.

2. Bij het te niet gaan eener concessie vervallen alle daarop rustende lasten.

3. Bij het te niet gaan eener concessie stelt de gewezen concessionaris binnen vier maanden de kaarten, teekeningen enz. op de mijnwerken betrekking hebbende kosteloos ter beschikking van den G. G. (IM. 42; MO. 355)

I en verkrijgt het Gouvernement zonder eenige vergoeding de volle en vrije beschikking over het niijnveld en over al hetgeen tot bekleeding en verzekering dient van «le ondergrondsche werken [IM. 41 (1)] benevens (behoudens de rechten van derden) over de land- en waterwegen op het Staatsdomein door den concessionaris aangelegd (354).

Hulpwerken zijn in dien afstand begrepen als zijnde een integreerend deel der ondergrondsche werken.

4. Al het andere, dus de inventaris der mijn, de door den concessionaris opgerichte gebouwen en inrichtingen en de

Sluiten