Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(2) De titel van aankomst van dit recht moet worden openbaar gemaakt op de wijze bij ordonnantie te regelen. Eerst door die openbaarmaking wordt het recht als bestaande aangemerkt.

Artikel 19.

(1) De splitsing van een eoncessielerrein in op zich zelf slaande gedeelten, het verwisselen van een gedeelte van een concessieterrein met dat van een aangrenzend terrein, en het vereenigen van twee of meer aan elkander grenzende concessieterreinen tot een geheel kan slechts geschieden bij door den Gouverneur-Generaal te verleenen nieuwe akten van concessie, die niet dan om overwegende redenen van algemeen belang mogen geweigerd worden.

(2) De in deze gevallen tot waarborg van de belangen van hypothecaire of andere schuldeischers noodige bepalingen worden bij ordonnantie vastgesteld.

TITEL IV.

Verhouding van concessionarissen tot rechthebbenden op den grond en

derde belanghebbenden en van naburige concessionarissen onderling.

Artikel 20.

Hetgeen in het tweede en derde lid van art. 8 omtrent opsporingen is bepaald, is ook van toepassing op de beschikking over den bovengrond ten behoeve van ontginningen.

Artikel 21.

(1) Indien voor eene ontginning de beschikking over den bovengrond noodig is voor geen langer tijdperk dan drie jaren, is daarop van toepassing hetgeen in art. 9 omtrent opsporingen is bepaald, met dien verstande, dat wat daar ten aanzien van den houder der vergunning is voorgeschreven, hier op den concessionaris toepasselijk is en dat in dit geval zal moeten worden vertoond een authentiek afschrift der akte, waarbij het concessiebesluit is openbaar gemaakt.

(2) Indien de beschikking over den grond voor een langer tijdperk noodig is, of indien na verloop van den aanvankelijk voldoende geachten termijn van drie jaren nog verdere beschikking noodig blijkt en partijen zich over den afstand van den grond niet kunnen verstaan, wordt op verzoek der meest gereede partij overgegaan tot toepassing der bepalingen, regelende de onteigening ten algemeene nutte. De onteigening van alle voor eene ontginning noodige eigendommen behoeft niet te gelijkertijd te worden gevraagd.

Artikel 22.

(1) Op gronden behoorende tot het Staatsdomein, verleent de Gouverneur-Generaal, onder de door hem noodig geoordeelde voorwaarden en behoudens de rechten van derden, verlof tot het maken van land- en waterwegen ten behoeve der ontginning en recht van opstal tot plaatsing der noodige gebouwen, inrichtingen en werkplaatsen.

Sluiten