Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

<1. een jaarlijksch, ieder jaar bij vooruitbetaling te voldoen, vast recht, evenredig aan de oppervlakte van het opsporingsterrein en ten bedrage van f 0.026 per hectare;

b. een jaarlijkschen cijns ten bedrage van vier percent van de bruto-opbrengst voor zooveel betreft het gedeelte der gewonnen delfstoffen, dat een bij ordonnantie vast te stellen belastingvrij quantum overtreft.

(2) Het Gouvernement heft van iedere concessie:

a. een jaarlijksch, ieder jaar bij vooruitbetaling te voldoen, vast recht, evenredig aan de oppervlakte van het concessieterrein en ten bedrage van / 0.25 per hectare;

b. een jaarlijkschen cijns, ten bedrage van vier percent van de bruto-opbrengst.

(3) Indien de concessionaris ten genoegen van den GouverneurGeneraal aantoont, dat de exploitatie van het afgeloopen jaar verlies heeft opgeleverd, dan wel opleveren zou na aftrek van het ingevolge het tweede lid van dit artikel over dat jaar verschuldigde, kan het bedrag van den verschuldigden cijns over dat jaar worden verminderd met een door den Gouverneur-Generaal te bepalen bedrag, doch in geen geval tot minder dan ééq percent van de bruto-opbrengst.

(4) Van de toepassing, aan het derde lid van dit artikel gegeven, wordt jaarlijks door Onzen Minister van Koloniën verslag gedaan aan de Staten-Generaal.

(5) Restitutie van gedane betalingen wegens verschuldigd vast recht heeft niet plaats.

Artikel 36.

(1) Als bruto-opbrengst wordt aangemerkt de gemiddelde handelswaarde op het concessieterrein, gedurende het afgeloopen halve kalenderjaar, van de door de ontginning verkregen hoeveelheid al dan niet bewerkte verhandelbare producten.

(2) Is de handelswaarde dier producten, in den toestand waarin zij voor de in art. 55 genoemde heffing in aanmerking worden gebracht, verhoogd ten gevolge van bereiding en verwerking door den concessionaris op het concessieterrein of op een nabijgelegen of daarmede verbonden terrein, dan wordt, ter bepaling van de aanvankelijke handelswaarde, de verhoogde waarde verminderderd met de kosten dier bereiding en verwerking en, in geval van afvoer naar zulk een ander terrein, mede met de kosten van dien afvoer.

(3-) Wordt als grondslag van de berekening der aanvankelijke handelswaarde genomen de waarde op de naastbijgelegen markt binnen of buiten Nederlandsch-Indië, dan wordt die waarde verminderd met de kosten van verpakking en van vervoer daarheen.

(4) De bepaling van de handelswaarde en van de in het tweede en derde lid bedoelde kosten geschiedt, na raadpleging van den concessionaris, door de bij ordonnantie aan te wijzen autoriteit. Van diens beslissing is beroep op den Gouverneur-Generaal.

Sluiten