Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Waarom toch niet?

DOOR

K. DIJKER.

Hij was bang naar de vliering gekropen om alleen te zijn. De meester had hem gedreigd, dat hij van school zou worden gestuurd, als hij niet beter leerde, hij had hem uitgescholden voor een luien, dommen jongen. Ja, dom was hij, dat zag hij zelf wel in, hij kon al die cijfers niet onthouden, al plaagde hij zijne arme, kleine hersens nog zoo hard. „Neem een voorbeeld aan je jongere broertje, die is heel wat vlijtiger," heette het steeds. En hij tuurde 's avonds op zijne sommen tot hij naar bed moest en 's morgens nog vóór hij naar school ging, maar 't lukte niet. Altijd dat nare onthouden! hij zou het nooit leeren, nooit!

Dien dag had hij weer niets geweten en was hij met

een brief aan zijn vader naar huis gestuurd. Dien brief

had hij nog in zijn zak, zijn vader was nog niet thuis

van 't kantoor, maar die zou wel gauw komen; dan

moest hij naar beneden om dien brief te geven en wat

zou er dan gebeuren? Wat voor straf zou hij krijgen,

zou hij Zondag niet mogen uitgaan, zou zijn vader hem I. 4*

Sluiten