Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Manes vloekte zijne schoonste reeks af, tot ergernis van zijn hoorder, die er wel is waar geen woord van verstond, maar die toch best kon merken „det-er de heilige familie niks goods winsde" Daarna eerst kreeg de verbaasde „schoester" -) de verklaring:

y O •

„Dan zit d r duuvel3) in miin avelen, want jüstement ) had ich d r nog veer dozien op de schörgsker6), en noe zeen ze nao de wèèrlich, zuug mer!"7).

De vrome meester pikdraad sloeg een kruis, en was in minder dan geen tijd weerom met de verdachte koopwaar, die hij op den kruiwagen wierp met de woorden:

„Es8) d'r duuvel in diin avele zit, mót ich d'r niks van höbbe. Dao zeen ze. 'et Geljd kóns-te haaie"9).

„Schèèle wouwel! 10), gaf Manes ten beste, zag nog eens de straat rond, en verdween mopperend met zijn voertuig.

"W ij hadden dol veel pret en lieten ons de avelen goed smaken, en weer was het Willem Korver, die de grap tot een goed einde bracht.

„Jongens, zei hij, „ik krijg morgen van ieder van jullie acht centen, dan breng ik Manes een kwartje voor zijn avelen. De grap is geen grap meer als die stakker

1) Dat hij de Heilige Familie niets goeds toewenschte.

2) Schoenmaker.

3) De duivel.

4) Zoo even.

5) Vier dozijn.

6) Krui-kar, kruiwagen ook schörgs-kar, van schörgen, d. i. kruien.

7) Zie maar.

8) Als.

9) Het geld kun je houden.

10) Letterlijk: scheel gewauwel, voor onzinnig geklets.

Sluiten