Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vooral later op den avond uit zich het laatste geheel verschillend, want de een wordt sentimenteel, een tweede zangerig, terwijl een ander als facheux troisieme den ruziezoeker speelt.

Manes trekt overal rond en noodigt uit een cent te zetten op elk der twaalf cijfers, die zijn houten bord bevat, waarna hij uit een zakje een dier nummers laat trekken, dat den winner voor zijn éénen cent drie hardgekookte eieren bezorgt met een schepje zout op een papiertje.

Hij heeft wel opgemerkt dat Willem Korver er is, ook dat hij danst met een knap naaistertje, en de schuine oogen van een jongmensch, dat zich verbeeldt haar vrijer te zijn, zijn hem opgevallen.

Het is niet zonder bedoeling dat hij ronddrentelt in diens nabijheid, en spoedig daarna houdt hij ook \V illem het bord voor, terwijl hij fluistert:

„Danst neet meer mit die léste, meneer Korver, en gaot neet allein nao boete" J).

Met een los handgebaar laat Willem hem gaan, als wilde hij zeggen, „daar steekt niets in, en wie zou mij kwaad willen om een dansje?"

Men wilde hem echter wel degelijk kwaad, want toen hij naar buiten ging, stond daar de aangeschoten slungel, geflankeerd door twee vrienden, hem op te wachten.

Al dadelijk klonk het:

„Zeg eens, kale meneer, wat heb jij met mijn meisje te maken?"

Willem bleef bedaard en gaf ten antwoord:

I) En ga niet alleen naar buiten.

Sluiten