Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vier weken moet Frits weg," zeide zij beslist, „en den vorigen dag trouwen wij."

„Dat zullen wij zien," stoof papa op, „mijn toestemming krijg je niet en zonder mijn toestemming kan je niets uitrichten."

Niemand kende de ware reden van papa's stijfhoofdigheid op dat punt. Iedereen dacht, dat zij voortkwam uit gekrenkte eigenliefde, uit haat tegenover den heer Ebeling. Niemand wist, dat hij doodelijk van Nel was, dat Nel zijn oogappel was en dat hij bijna nog meer van haar hield dan van zijn eigen zoon Erni. Hij voorzag allerlei moeielijkheden in de toekomst voor Nel aan de zijde van een man, die zoo zwak van karakter was als Frits Ebeling, hij voelde zich gekrenkt, dat Nel niet naar zijn raad wilde luisteren.

„Heb je het dan niet goed in huis," vroeg hij, „ben ik niet goed voor je, dat je eene onzekere toekomst verkiest boven hetgeen je nu bezit ?"

„Zeker papa," zeide Nel met tranen in de oogen, „u bent altijd goed voor mij geweest, maar ik kan Frits niet alleen laten gaan."

Frits was in Amsterdam, waar hij eenige personen moest spreken, Nel sprak niet meer over hetgeen ons het meest vervulde en sinds een paar dagen werd de stemming in de familie een weinig beter.

Papa's verjaardag naderde. Deze was altijd zeer luisterrijk gevierd. Niemand werd bepaald uitgenoodigd, maar iedereen was welkom en het butfet was voorzien voor wel vijftig personen. Papa scheen er ook dit jaar geen verandering in te brengen, ofschoon de omstandigheden niet meewerkten om de feestelijke stemming te bevorderen.

Sluiten