Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dag voor zijn dood nog zelf den naam voor het ongeboren kindje gekozen, indien het een meisje zou zijn, aan dien naam was een dierbare herinnering voor hem verbonden.

Mama las en herlas den brief. „Wat staat er weinig in," klaagde zij. En eensklaps barstte zij in snikken los. Ik zette mij dicht naast haar en liet haar uitschreien, toen fluisterde ik: „Als u haar eens schreef, moedertje, dan zou zij ü antwoorden."

„Waar? Hier?" vroeg mama haar tranen afdrogend.

Ik raadde haar gedachtengang en zeide opgewekt: „Ja zeker, nu op dit oogenblik, ik zend den brief dan onmiddellijk weg."

Ik stond reeds op om papier en inkt te krijgen. Mama zette zich dadelijk neer om te schrijven en tranen droppelden op het papier.

Zoo spoedig men slechts verwachten kon, kwam er een langen brief van Nel aan mijn adres voor onze moeder. Ik opende hem niet en wist hem onbemerkt mama in handen te spelen, mama sprak er niet met mij over en ik kreeg den brief nooit te lezen.

„Waarom zou Nelly ons niet uitvoeriger schrijven," zeide ik telkens tegen Walter, als ik weer een brief van haar ontvangen had, met eenige schaarsche berichten geheel in telegramstijl.

„Zij heeft zeker niet veel goeds te schrijven," antwoordde hij. Hij beet zich op zijne lippen en er kwam eene dreigende uitdrukking in zijne oogen. Ik wist, dat hij nooit van mijnheer Haersma had gehouden en dat hij hem nu bijna haatte om zijne handelwijze tegenover Nel en toch had hij vrijwillig een werkkring gekozen,

Sluiten