Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn knie. „Bij wie wil je het liefst blijven, kerel?" vroeg hij.

„Bij papa en mama," antwoordde het ventje prompt. Walter had hem dit geleerd. „Goed zoo, bengel, wij laten je ook niet meer los."

Neen, wij konden hem niet meer missen nu Nelly gestorven was, al wilde mijnheer Haersma hem ook nog zoo gaarne hebben. Het was den ouden heer te stil in zijn groote huis, Tilde was in Méran, hij was dus veel alleen met Erni, want mama hield Tilde gezelschap.

„Jullie huis is niet op kinderen ingericht," beweerde hij.

„Dan zullen wij het er wel op inrichten," klonk het

antwoord van mijn man.

En niet alleen ons huis, maar ons heele leven richtten wij in naar den kleinen tyran.

Zonder er samen over gesproken te hebben, begonnen wij een nieuw leven, daarbij geholpen door Jan. Zonder het te weten was hij de brug, die ons door menig moeielijk oogenblik, menig gedwongen samenzijn heenhielp. Want dikwijls werd ik nog aangegrepen door buien van moedeloosheid, als ik terugdacht aan hetgeen het leven voor mij geworden was en wat het had kunnen zijn.

Het duurde ook nog eenigen tijd, eer ik begreep, dat ik mijn man niet geheel onverschillig was, dat al had hij mij niet meer lief, zooals hij mij in het begin van ons huwelijk liefhad, hij mij toch oprechte vriendschap toedroeg. Hij zelf had hard verlangd naar eene verandering in onze verhouding en zich slechts in het onvermijdelijke geschikt. Nu hij er van overtuigd was, dat ik

Sluiten