Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kunnen verdedigen. Ik behoefde niet lang te zoeken, want velen hadden hun geweer niet meer noodig, arme kerels! Een kapmes zou mij liever geweest zijn, dan een geweer, waarmee ik niet gewoon was om te gaan, maar een mensch moet zich weten te behelpen. Ik had geen tijd, om naar patronen te zoeken, maar ik dacht, 't komt er ook niet op aan, een flinke slag met de kolf of een ferme steek met de bajonet is even goed. En werkelijk — of het uit benauwdheid was of dapperheid weet ik niet — maar al heel gauw had ik een paar Atjeh'sche hadji's *), groote, nijdige kerels, geheel in het wit gekleed, de moeite bespaard na het gevecht naar hunne negorij 3) terug te keeren. Ze tuimelden beiden in een selokan, eene leiding die zeker verder door de sawah's liep, de een met een kapotgeslagen gezicht en de ander met een steek in zijn buik, waar het bloed met een straal uitliep. Het koude zweet brak mij aan alle kanten uit, toen ik die kerels had gedood, en ik stond te rillen op mijne beenen. Het was dan ook voor 't eerst van mijn leven, dat ik iemand naar de noeraka 3) had gezonden. Langzamerhand kwam ik weer wat tot mij zeiven en ik dacht: Siman dat gaat goed, laat nu eens kijken, dat je wat anders kunt dan je buik vol rijst eten, maar op hetzelfde oogenblik, dat ik mij gereed maakte om een Ambonneeschen korporaal te verlossen, die door drie kerels te gelijk was aangevallen, kreeg ik met een klewang zulk een slag in de zij, dat ik niet anders dacht of ik zou denzelfden weg opgaan als die twee hadji's. Ik viel neer en verloor het bewustzijn.

1) Uit Mekka teruggekeerde (en dus heilige) mannen.

2) Gewest. 3) Hel.

Sluiten