Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schap, dat haar met imperturbabele kalmte zwijgend aanziet, de beenen wijd uit, de handen in de zakken, de oogen wijd open, de cigaret in den lachenden mond. Daar komt eindelijk een „agent', die in z n Brusselsch fransch de gemeente tot doorloopen uitnoodigt met een „Alleiz, circuleiz!" De meneer, die 't nijdige menschje zoo vertoornd heeft, pirouetteert op z'n verlakte schoenen, de juffrouw vervolgt onder gejuich haar weg om spoedig in een der stillere straten het gedrang van den Boulevard te ontgaan. Om den agent dansen een dozijn jongelui een rondje, dat dadelijk weer versmelt in het gedrang. Laten we meegaan in den sleur, laten we ons laten meedragen in den schuifelenden hoop, wadend tot over de enkels door de kleurige massa confetti, voortslenterend over het breede trottoir. Nu eens warm verlicht door een enkele gasvlamverlichting, dan weer heller door een suizende Bec-Auer lamp, die de vrouwen doodsch en grauw maakt onder de dichte voiles, nog feller dan weer onder de knoeperende koud schitterende booglampen van de fransche Bazar.

Rrrrrrrrrrr! daar vliegt een ellenlang groen lint

naar een tweetal dik bepoeierde jongelui, in rok en hoogen hoed de een, voor het gelaat een voile; de ander, een goedlachsche dikzak met een kort russisch kneveltje, dat vol confetti ligt, grijpt in den om z'n hals bungelenden zak en een handvol vuurroode confetti, schitterend wanneer het onder het gaslicht voorbij fladdert als een zwerm spelende vuurvliegen, komt neer op een paar jonge meisjes, die met een eleganten ouden heer met gesoigneerde bakkebaarden het Café du Boulevard binnen willen vluchten. „Alanqué! Doch de jonge-

Sluiten