Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't Schijnt, dat hij den dienst niet anders wil verlaten dan met een kogel in het hoofd."

En mocht men enkele tijdgenooten van den majoor gelooven, dan waren deze onderstellingen nog zoo onjuist niet.

Hoe het zij — de majoor zat met het hoofd in de handen, en staarde verdrietig naar den grond, en mompelde: „Ja, wat donder — die jongen heeft een moeder en een jong vrouwtje — 't moet toch beroerd zijn voor die menschen.. .. Ik hoop maar dat de kogels een beetje genadig voor hem zijn, ofschoon: ze zijn altijd onbillijk, ze laten zoo'n kerel als ik, aan wien geen sterveling wat missen zal, leven, en menschen die 't veel meer waard zijn op de wereld te blijven, gooien ze tegen de vlakte...

Dacht majoor Donder in die oogenblikken aan het litteeken op Leroux' rechter wang, dat getuigenis gaf hoe die brave jongen eens een sabelhouw had opgevangen, die voor hemzelf bestemd was geweest? Dacht hij misschien ook aan zijn eigen moeder, die hij zoo had liefgehad, en aan de kleine Lili, die zijn vrouw had kunnen zijn, als ze maar gewild had?

III.

De generaal stond met zijn staf op een heuvel, met zijn kijker de bewegingen der langzaam vooruitgaande troepen volgend. Er vielen slechts nu en dan enkele ge-

Sluiten