Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maken. Zou hij in Veenlo wonen? Natuurlijk, Veenlo ligt het dichtst bij de hut, alle andere dorpen liggen veel verder weg. Hoe zal hij hem vinden? Hij zal vragen en zoeken en als hij hem gevonden heeft, zal hij er bij hem op aandringen mee te gaan; hij zal hem vertellen, hoe ziek Cornelia is. Een rilling gaat hem door de leden, dat komt van den regen. Neen, het is niet van den regen, Huib weet wel beter, hij denkt er aan, dat Cornelia den vreemdeling weer zal zien en dan

Hu, wat een wind; de storm zweept hem voort, al maar voort en stilstaan kan hij niet. Huib denkt na en eindelijk staat zijn besluit vast. Goed, laat de vreemde komen. Hij wil niet meer boos of driftig worden. Hij zal zeggen, Cornelia, ja, wat zal hij dan zeggen, wel, hij zal zeggen, Cornelia, als je van Huib niets meer wilt weten, dan blijft hij bij Grootje. Als hij je weer met Castor over de heide ziet zwerven, vroolijk en gelukkig, is het ook goed, als ze maar vrienden blijven. Ja, dat doet hij

En de wind drijft hem al maar voort. Goddank, daar is de beek. Waar is de brug nu? Hij ziet ze niet. Hij loopt langs de beek, eerst naar links, dan naar rechts; net breekt de maan tusschen een paar wolken door en nu ziet hij haar op een twintig pas afstands.

Dat is toeval; het geluk is met hem. Nu zal alles wel goed gaan! De weg wordt gemakkelijker, hij komt aan de heestergroepen en van de brug loopt een zandpad naar Veenlo. Daar is het pad al. Het is, of hij vleugels aan de voeten heeft. De dokter woont voor in het dorp, maar die vreemde? Hij zal den dokter zeg-

Sluiten