Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gen. En daar klonk een lied, dat zou zijn een lied van zomer en van liefde en van veel geluk.

Maar zeggen deed ze niets, ze kon — niet waar? hem slecht begrepen hebben en, al was daar eene kracht die haar opdreef om de armen heen te slaan hem om den hals en te zeggen dat ze van hem houden zou, eeuw ig en altijd, immer en eeuwig, — die vreemde, zenuwachtige stilte, die nu volgen ging, was haar pijn, al pijn. En ze zei eenvoudig „zoo?"

„Ja, Roos, ik heb lang gezocht, maar eindelijk gevonden."

En op stond hij, gaande in volle lengte naar 't raam, trommelend tegen de ruiten. — O God! waarom trommelde hij in haar oor? Waarom stootte hij haar in de zij ? ....

„Je begrijpt," ging hij voort, „ik moet eene vrouw hebben die goed is, een goede Jodin, 'n vrouw ook waarvan ik hou, en die geld kan meebrengen."

Stil dan, zal haar borst niet breken van den hartklop. O! pijn, pijn, in de rechterborst, die ze vast moest houden, de oogen gesloten.

Hij zag 't gelukkig niet, stond aan "t venster, altoos

te trommelen.

En ze vroeg naar den naam van t meisje dat z n vrouw zou worden. Flora Verstraaten, die hij vroeger

had les gegeven.

Maar 't gesprek wilde verder niet vlotten.

O, hoe had hij zóó wreed kunnen zijn! Flora Verstraaten, 'n mooie naam.... Maar toch hield ze van hem, zou van hem blijven houden, tóch, tóch, altijd.

Sluiten